In de examenzaal heerst een ijzige stilte. Voor mij staan zes glazen, gevuld met drie witte en drie rode wijnen. De eerste vragen voor het wijnbrevet zijn: welke wijn zit in welk glas. Het klamme zweet nestelt zich onder mijn oksels. Dit vind ik het moeilijkste gedeelte van het examen. De kunst is om niet te nerveus te worden en rustig de glazen te analyseren naar kleur, geur en dan bevestiging zoeken in de smaak.

Bij het eerste glas wit heb ik de keuze tussen een Chileense chardonnay 2008, een Franse viognier 2012 en een Elzas pinot blanc 2012. De wijn is lichtgeel, aan de kleur te zien een jonge wijn, dus de Chileen uit 2008 kan ik direct wegstrepen. Ik wals de wijn en ruik diep in de ontluikende aroma’s. Geurige bloemenvelden komen mij tegemoet en ik denk gelijk aan de zoetheid van een viognier. Een slok in mijn mond geeft een andere indruk, want ik proef teveel zuren. Twijfel alom, dan toch de pinot blanc?

Het eerste rode glas kleurt roodbruin, dit betekent een wijn die meer op leeftijd is. De genoemde jonge Beaujolais Fleurie kan ik in dit rijtje wegstrepen. Dan heb ik de keuze tussen een Rioja Reserva 2006, dit betekent minimaal twee jaar houtlagering en een jaar rijping op fles. En een Australische cabernet sauvignon uit 2010. De Rioja is gemaakt van tempranillo, deze moet fruitig smaken zonder al te veel tannines. Ik wals het glas en proef de wijn, mooi vol rond. Ik kies voor de Rioja.

Na de wijntest beginnen de meerkeuze vragen. Zijn er in Savoye meer rode, witte of rode en witte wijnen? Mijn hersens kraken, mijn focus lag in dat hoofdstuk bij de Jura. Ik leerde over vin jaune, een wijn waarvan de druiven maanden buiten in open vaten rijpen, door de oxidatie ontstaat een sherry-achtige smaak. Terug naar Savoye, ik weet het niet en doe een gok. Dan een vraag over druivenrassen: wat zijn de witte en de rode in Italië. Goed opletten en kijken: dit moet ik weten. Rood is nebbiolo en wit is trebbiano.

Met rode koontjes loop ik de examenzaal uit, waar in de kantine gelijk een lijst hangt met de juiste wijnen. Mijn hart klopt, want ik moet minimaal twee wijnen goed hebben. Met een snelle blik gaan mijn ogen langs de lijst. Toch een pinot blanc, hé jammer die heb ik fout. Dan een riesling, ja die was goed. De Rioja is ook fout, eigenlijk niet verwonderlijk, want de kans is klein dat er zo’n mooie wijn wordt geschonken voor het examen. Maar een Bordeaux had ik ook goed. Mijn hart kalmeert, voor de wijnen heb ik een voldoende.

Thuis kijk ik in het wijnboek de vragen na waarvan ik de antwoorden niet wist of twijfelde. Met spanning wacht ik op de uitslag, zo ja, dan kan ik door naar de vinologenopleiding.

Maandagmorgen kreeg ik het verlossende antwoord: geslaagd!