De wekker staat vastgeprikt in het prille ochtenduur om 06.15 uur. Vandaag begint de vinologenopleiding met een kennismaking en rondleiding in Wageningen, daar ligt één van de noordelijkste Nederlandse wijngebieden. Deze keer heb ik geen moeite om op te staan, want als het goed is met een leuke en leerzame dag in het vooruitzicht. We verzamelen op het Amstelstation om met een paar mede-vinologen in spe samen in een oude bolide af te reizen.

Het is druk op de weg, het verbaast mij altijd hoe vroeg al zoveel mensen op pad zijn. De koffie in mijn beker warmt aangenaam mijn handen. Wazig kijk ik voor mij uit als plotseling even wazig het stoom dampend onder de motorkap naar boven borrelt. ‘Hoe kan dit nou weer, mijn trouwe diesel!’, roept mijn maatje en dirigeert de auto naar de zijkant van de weg in de vluchtstrook. Aan de hoeveelheid rook te zien treft ons geen gunstig vooruitzicht en de euforie van het vroege opstaan zakt snel in mijn voeten.

Met dichtgeknepen ogen staan we langs de kant van de snelweg in afwachting van de Wegenwacht. ‘Het ziet er niet best uit,’ laat de monteur ons even later weten, de auto moet worden weggesleept en we krijgen een leenauto mee. We zijn twee uur te laat in Wageningen maar toch nog net op tijd voor het proeven van een glas witte wijn van de Johanniter, een kruising tussen een Duits en Zwitsers druivenras.

‘Deze druif heeft compacte trossen en dat geeft snel kans op botrytis, dat betekent dat de bessen elkaar verdringen, kapot gaan en dan verrotten. Door de jonge trossen door midden te knippen voorkomen we de vorming van botrytis,’ vertel de wijnmaker. Hij ziet er uit als een echte wetenschapper met een grote bril op, dikke glazen en grijze haren. ’De wijnbouw is in Nederland de afgelopen vijftien jaar hard gegroeid. Dit was mogelijk door de aanplant van nieuwe druivenrassen zoals Regent, Johanniter en Solaris die twee a drie weken eerder rijp zijn.’

Hier moet ik even goed over nadenken wat dit precies in wijntermen betekent. Deze druiven zijn eerder rijp en staan in een heel noordelijk gebied. Dus ze hebben minder tijd nodig en volstaan met onze zonuren om rijp te worden. Logisch, ja. De klassieke druivenrassen zoals riesling, chardonnay en bijvoorbeeld pinot noir worden in Nederland boven de grote rivieren niet rijp en zijn daar dus niet rendabel.

‘Bovendien zijn deze druivenrassen bestendig tegen meeldauw en dat heeft het voordeel dat we minder met pesticiden hoeven te werken,’ zijn de besluitende woorden van een trotste biologische wijnbouwteler. Later tijdens de wandeling in de wijngaard zie ik dat de trossen van de druiven nog erg mager zijn, ze hebben veel zon nodig in de komende maand om tot volle wasdom te komen. Het begint ondertussen heel hard te regenen, typisch Nederland. Ik duim voor de wijnboer voor een goede oogst.